Deze website maakt gebruik van cookies voor statistiek-doeleinden. Gaat u hiermee akkoord? Ja Nee
 

Bodemonderzoek

Een bodemonderzoek is het (afhankelijk van de doelstelling) analyseren, vaststellen en vastleggen van de aanwezigheid, omvang en mate van bodemverontreiniging van een locatie. De analyse gebeurt op basis van historische, kwantitatieve en de kwalitatieve gegevens. In een bodemonderzoek worden de gebruiks(on)mogelijkheden die de bodemkwaliteit biedt, onderzocht. De gemeente beoordeelt of bij gevallen van bodemverontreiniging mag worden gebouwd.

Bodemonderzoek kan naar oordeel van de gemeente noodzakelijk zijn bij:
-Aanvraag van een bouwvergunning.
-Aanvraag van een milieuvergunning.
-Grondtransacties, waarbij de gemeente betrokken is.

De gemeente als eigenaar of gebruiker milieuvervuiling in de grond vermoedt.
Het onderzoek moet door een gecertificeerd bureau conform de Kwalibo-regeling worden uitgevoerd. Via deze link treft u een lijst met gecertificeerde onderzoeksbureaus voor veldwerkzaamheden aan. Welk type bodemonderzoek noodzakelijk is, is afhankelijk van het doel van het onderzoek. Veelal dient een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740 uitgevoerd te worden. Bij twijfel kunt u het best contact opnemen met Ivo Visser of Inge Drenth, telefoonnummers 14 0162.

Bodemonderzoek en bouwvergunning

Bouwwerken, waarvoor een bouwvergunning moet worden aangevraagd, mogen niet worden gebouwd op verontreinigde grond. Het is vaak niet bekend of er sprake is van de aanwezigheid van bodemverontreiniging. Daarom moet voor dit soort bouwwerken eerst een bodemonderzoek worden gedaan, voordat een bouwvergunning kan worden aangevraagd. Voor bepaalde situaties is vrijstelling van een bodemonderzoek mogelijk, zie het stroomschema “vrijstelling bodemonderzoek t.b.v. bouwvergunning”.

Aan de hand van het formulier ‘vragenlijst beperkt vooronderzoek bodemtoets’ (pdf 33kb) beoordeelt de gemeente of een vrijstelling kan worden verleend.

Welke wet ligt hieraan ten grondslag?

De Wet Bodembescherming is een wet waarin allerlei zaken die met onze bodem te maken hebben, nauwkeurig geregeld kunnen worden. Deze wet is op 1 januari 1987 in werking getreden en stelt iedereen verantwoordelijk voor het wel en wee van de bodem, een zorgplicht. Zorgplicht betekent dat iedereen verplicht is om bodembedreigende activiteiten zo veel mogelijk te voorkomen.
Het lozingsbesluit komt voort uit de Wet bodembescherming en verbiedt in principe alle lozingen van vloeistoffen in of op de bodem. Onder lozing wordt verstaan: het definitief in de bodem brengen van vloeistoffen.