Deze website maakt gebruik van cookies voor statistiek-doeleinden. Gaat u hiermee akkoord? Ja Nee
 

Ridderorden en de kerk

In 1118 stichtte Hugo Payens en Godfried van St. Omaars de Orde van de Tempeliers. Deze orde had als doel om tijdens de Kruistochten in Palestina de gewonden te verzorgen en de pelgrims te beschermen. Zij kregen veel dank, voorrechten en bezittingen van pausen en vorsten. Hierdoor werd de orde rijk en machtig, maar dit wekte ook veel afgunst op.

Na een proces met veel valse beschuldigingen werd de orde van de Tempeliers in 1312 veroordeeld en opgeheven. De onroerende goederen vervielen aan de Johannieters. Die waren in 1048 opgericht om in het Heilige Land de pelgrims onderdak te verlenen en de zieken te verzorgen. De orde stond onder bescherming van Sint Jan de Doper, die ook de patroonheilige is van de kerk te Oosterhout.

De Johannieters en de Heer van Breda hadden de meeste rechten op de gronden van Oosterhout. De landbouwers van Oosterhout moesten een tiende van hun opbrengsten afstaan aan de kerk. De Tempeliers en later de Johannieters moesten in ruil zorgen voor goede godsdienstige voorzieningen. Eén van die voorzieningen was de kerk.

De kerk van Oosterhout werd al genoemd in akten van 1277 en 1279. De kerk groeide snel uit zijn jasje voor de groeiende bevolking van Oosterhout. Omstreeks 1473 begon men met de bouw van een nieuwe, grotere kerk. Deze lijkt op de huidige St. Janskerk

Ridderordenbeeld