Publicatiedatum:
donderdag 13 februari 2020
Originele publicatie downloaden:
Download het PDF bestand
Type bekendmaking:
Overige besluiten van algemene strekking



Besluit van de raad van de gemeente Oosterhout van 17 september 2019 tot vaststelling van het "Preventie- en handhavingsplan Alcohol"

DE RAAD VAN DE GEMEENTE OOSTERHOUT;

 

Overwegende de verplichting in de Wet publieke gezondheid (Wpg) om één keer per vier jaar een lokale gezondheidsnota vast te stellen en de verplichting vanuit de Drank- en Horecawet (artikel 43a) om één keer per vier jaar een lokaal preventie- en handhavingsplan alcohol (art. 43a Drank- en Horecawet) vast te stellen.

 

Gelezen het voorstel van het college van 6 augustus 2019.

BESLUIT:

 

  • 1.

    De ontwikkelagenda Gezondheid “Vitaal Oosterhout” vast te stellen;

  • 2.

    Kennis te nemen van de lokale Werkagenda Gezondheid;

  • 3.

    Het Preventie- en handhavingsplan Alcohol vast te stellen.

1. Inleiding

Het voorgaande Preventie- en Handhavingsplan was geldig van 1 juli 2014 tot en met 31 december 2016. Om te voldoen aan art. 43a Drank- en Horecawet (het Preventie- en Handhavingsplan ‘Alcohol’ moet gelijktijdig met het gezondheidsbeleid worden vastgesteld) is besloten om tot en met 31 december 2018 in de lijn van het voormalige Preventie- en Handhavingsplan ‘Op je gezondheid’ uitvoering te geven aan preventie en handhaving (zie raadsinformatiebrief van 26 juni 2017 “Verlenging lokaal gezondheidsbeleid Verbinden & verankeren 2014-2017”).

 

Inmiddels is het voorgaande Preventie- en Handhavingsplan geëvalueerd. De evaluatie is opgenomen in bijlage 1. Het voor u liggende Preventie- en Handhavingsplan is mede gebaseerd op deze evaluatie. Met dit plan voldoet de gemeente aan de verplichting uit artikel 43a van de Drank- en Horecawet. In dit plan is de beleidsfocus en strategie opgenomen die de gemeente kiest om gedragsverandering tot stand te brengen ten aanzien van alcoholgebruik door jongeren onder de 18 jaar en overmatig alcoholgebruik van jongeren tot 25 jaar. Hoewel wettelijk niet verplicht zoeken we in de uitvoering van dit preventie- en handhavingsplan de verbinding met het gebruik van middelen onder jongeren, zoals drugs en lachgas. Het gebruik van deze middelen kan (op latere leeftijd) leiden tot verslaving. In dit plan staat alcohol vanwege de wettelijke plicht centraal en wordt waar mogelijk aandacht besteed aan middelen.

Integraal en samen

De gemeente heeft een publieke en wettelijke verantwoordelijkheid voor gezondheid van burgers (zeker van hen die extra risico lopen), maar wil én kan het niet alleen. Samen met stakeholders (o.a. horeca, onderwijs, GGD en politie) bepalen we wat we gaan doen om het gebruik van alcohol en in het verlengde daarvan het starten met middelen onder jongeren te voorkomen en/of onder jongvolwassenen te verminderen. Uitgangspunt van het plan is om preventie en handhaving op elkaar te laten aansluiten. Dit impliceert dat meerdere afdelingen binnen de gemeente (onder andere toezicht en handhaving, jeugd, veiligheid en economische zaken) en verschillende partijen uit de samenleving (onder andere jongerenwerk, scholen, politie, verenigingen, horeca en evenementenorganisaties) betrokken zijn bij de aanpak van alcoholproblematiek.

Eigen kracht en weerbaarheid

Het gebruik van alcohol en middelen is het resultaat van een combinatie van factoren: de persoon, de ouders, de sociale omgeving,aanbod van middelen en het overheidsbeleid. Deze vormen samen een systeem dat uiteindelijk de keuze van de gebruiker bepaalt. Preventie zal daarom nooit alleen op het individu gericht zijn, maar ook de omgeving van de gebruiker beïnvloeden. Versterken van weerbaarheid,” ‘Nee’ leren zeggen” en groepsdruk weerstaan doen een appel op de eigen kracht van mensen.

 

1.1 Bestuurlijke ambitie en doelstellingen

De gemeente stelt zich tot doel om samen met maatschappelijke partners in te zetten voor de preventie van (bovenmatig) alcohol- en middelengebruik. Niet alleen richting de jeugd, maar ook in de richting van ouders. Om deze ambitie te realiseren zijn de volgende doelstellingen geformuleerd:

  • 1.
    • A.

      het terugdringen van het alcoholgebruik onder 18 jaar via preventie-activiteiten, samen met de stakeholders, gerelateerd aan opvoeding en onderwijs en via maatregelen voor (sport)verenigingen om hen te ondersteunen bij hun alcoholbeleid.

    • B.

      het terugdringen van (excessief) alcoholgebruik onder jongvolwassenen met maatregelen gericht op alcoholgebruik in bij alcoholverstrekkers.

  • 2.

    Alcoholpreventie, regelgeving en handhaving worden in verbinding met elkaar uitgevoerd.

  • 3.

    Verstrekkers van alcohol werken mee aan preventieve activiteiten en houden zich aan de wettelijke regels met betrekking tot de leeftijdsgrens, doorschenken en toelaten van dronken personen.

  • 4.

    Via integraal, programmatisch handhaven te komen tot een effectieve en efficiënte inzet van middelen, met als doel de naleving van de wet en regelgeving op het vlak van de alcholverstrekking te bereiken en/of te bevorderen;

  • 5.

    Aansluiten bij landelijke campagnes (NIX18) en doelstellingen in het landelijk preventieakkoord (2018).

1.2 Evaluatie

In bijlage 1 is de evaluatie van het voorgaande Preventie- en Handhavingsplan ‘Op je gezondheid’ opgenomen. Hieronder zijn de belangrijkste conclusies t.o.v. de nulmeting 2014/2015 van de evaluatie vermeld:

  • Het alcoholgebruik onder jongeren van 12 tot 14 jaar is eerst gestegen en nu een aantal jaren constant op een niveau van 16%;

  • Alle indicatoren over de mening van ouders ten aanzien van alcohol laten een positieve ontwikkeling t.o.v. 2013 zien. De mening van ouders ten aan zien van alcohol gebruik onder hun kinderen is aan het kantelen in de goede richting. De wetswijziging over de verhoging van de leeftijd waarop mag worden gedronken van 16 naar 18 jaar wordt door een steeds grotere groep ouders omarmd;

  • Het percentage jongeren van 12-14 jaar dat rookt is afgelopen periode eerst gestegen en in 2017/2018 weer terug op een percentage van 3%. Dit is gelijk aan het niveau van 2014/2015;

  • Het drinken van energiedrankjes onder jongeren van 12-14 jaar laat een dalende lijn zien.

  • Problematische gamen in de doelgroep 12-14 jaar is afgenomen;

  • Op alle indicatoren scoort Oosterhout lager dan het gemiddelde van de regio West-Brabant.

Verschuiving van problematiek: beboeten van jongeren

Mede op basis van bovenstaande evaluatie en door contacten met betrokken partners is dit Preventie- en Handhavingsplan tot stand gekomen. De voorgaande aanpak (2014-2017) was het eerste preventie- en handhavingsplanplan alcohol en heeft een belangrijke basis gelegd. Echter zien we het aantal jongeren dat voor hun 18de jaar drinkt niet zichtbaar afnemen. Bij ouders lijkt wel een kanteling plaats te vinden (zie bijlage 1 voor cijfers).

 

Een belangrijke ontwikkeling is het gevolg van de leeftijdsmaatregel (van 16 naar 18 jaar). Hierdoor zien we dat de omgeving en plaats waar van de jongeren tot 18 jaar alcohol consumeren verandert (onder andere verminderde toegang tot cafés). Natuurlijk vraagt de verstrekking (en wederverstrekking) in horeca en detailhandel nog steeds onze aandacht, maar de verantwoordelijkheid ligt niet alleen bij de verstrekkers van alcohol.

 

We gaan daarom steviger inzetten op het aanspreken van jongeren en hun ouders op hun verantwoordelijkheid. Uiteraard in preventieve zin door het voortzetten van bewustwording bij en verantwoordelijkheid van ouders voor de jongeren (we bieden ouders instrumenten om alcoholgebruik onder jongeren tegen te gaan). Echter introduceren we ook het beboeten van jongeren die een overtreding begaan. Minderjarigen die in een Oosterhoutse horecagelegenheid alcohol drinken of op straat alcohol drinken lopen het risico op een boete van 45/95 euro1 of een verwijzing naar Bureau Halt te krijgen. We leggen daarmee de verantwoordelijkheid voor een overtreding op de drank- en horecawet niet langer meer volledig bij alcoholverstrekkers, maar ook bij de jongeren zelf en bij hun ouders.

 

In 2019 is reeds de mogelijkheid gecreëerd om het gebruik van lachgas op straat te verbieden als daardoor hinder ontstaat óf de veiligheid en volksgezondheid in gevaar komt. De bijbehorende boete is 149 euro. Het uitdelen van boetes is echter geen doel op zich. We voeren liever eerst een goed gesprek in plaats van meteen bonnen te schrijven. Een gesprek met de gebruikers én met hun ouders, om ze bewust te maken van de risico’s.

Gerichtere handhaving: focus van toezicht naar preventie

Sinds de gemeentelijke verantwoordelijkheid voor de handhaving en de ophoging van de leeftijdsgrens van 16 naar 18 jaar heeft de toezicht en handhaving vanuit de gemeente vorm gekregen. De nadruk lag de afgelopen jaren op bewustwording en handhaving.

 

Preventie en handhavingsacties kunnen elkaar versterken, meer navolging krijgen en nog beter op elkaar worden afgestemd. In de komende periode zetten we handhaving gerichter in en monitoren we onze inzet. We hebben in ieder geval aandacht voor gebeurtenissen met een verhoogd risico, zoals eindexamenfeesten, de decembermaand, carnaval en sportfeesten. Daarnaast zetten we in op hotspots in de openbare ruimte. Dit zijn plekken waar wordt gedronken en/of waar veel jongeren t/m 25 jaar samenkomen. Samen met de horeca willen we deze periode onderzoeken of een zelfregulerend systeem, waarin de horeca zelf verantwoordelijkheid neemt voor controles haalbaar is. Wij zijn verplicht om onze wettelijk DHW te blijven uitvoeren, maar kunnen onze controles dan wel gerichter en probleemgestuurd gaan inzetten bij alcoholverstrekkers waar het moeizaam gaat. Om op deze manier te gaan werken is het een voorwaarde dat we de planning en uitvoering van de controles gaan monitoren (o.a. horeca, slijterijen, supermarkten en para commercieel) en hier beter over gaan communiceren.

Middelengebruik

In de uitvoering van het preventie- en handhavingsplan alcohol zoeken we nadrukkelijk de verbinding met het gebruik van middelen onder jongeren, zoals drugs en lachgaspatronen. Zowel cijfers als ook stakeholders (o.a. horeca, jongerenwerkers en GGD) geven aan dat jongeren ook in aanraking komen met andere middelen. Sommige partners in het veld geven aan dat ze het idee hebben dat het verhogen van de leeftijdsgrens voor alcohol er toe heeft geleid dat jongeren eerder andere middelen gebruiken. Een toename van het middelen gebruik bij de jongeren onder de 18 jaar blijkt echter niet uit onderzoek, maar een toename van het gebruik van lachgas en pillen bij jongeren boven de 18 jaar is wel zichtbaar. Het gebruik van deze middelen kan (op latere leeftijd) tot verslaving leiden. Daar waar alcoholpreventie en handhaving middels dit plan een wettelijke taak is, is dat voor middelen gebruik niet het geval. In de uitvoering zoeken we waar mogelijk de verbinding naar middelengebruik. Uiteindelijk streven we naar jongeren die weerbaar zijn en (ook onder invloed van hun omgeving), zelf nee durven te zeggen tegen alcohol voor de leeftijd van 18 jaar, overmatig alcohol gebruik en middelen gebruik.

 

1.3 Integrale aanpak

Effectief preventiebeleid is van groot belang, alsmede effectieve handhaving door gemeentelijke toezichthouders een belangrijke schakel is om de naleving van de DHW (onder andere de leeftijdsgrens) te vergroten. Preventie en handhaving zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Dit plan komt dan ook zowel ten goede aan de gezondheid van de inwoners van Oosterhout als aan de preventie van alcohol gerelateerde problemen rond veiligheid en overlast, zoals vernielingen, verkeersongevallen en geweld.

 

Voor een effectieve alcoholpreventie is integraal beleid nodig dat inspeelt op verschillende factoren die het alcoholgebruik beïnvloeden. Als uitgangspunt wordt het preventiemodel van Reynolds (2003) gehanteerd. Het preventiemodel kent 3 beleidspijlers, te weten: educatie (publiek draagvlak), regelgeving (grenzen stellen) en handhaving (grenzen bewaken). De pijlers staan deels op zichzelf maar overlappen elkaar ook. Juist in de overlap zien we het integrale preventiebeleid terug.

 

Het meest succesvol zijn strategieën die vooral de omgeving van de drinker beïnvloeden. En in die omgeving van de jonge drinker spelen alcoholverstrekkers, scholen en ouders een belangrijke rol. In dit Preventie- en Handhavingsplan staat daarom de omgeving van de jonge drinker centraal.

Figuur: Universele preventiemodel Reynolds

 

1.4 Looptijd

Dit Preventie- en Handhavingsplan ‘Alcohol’ wordt vastgesteld voor de periode van 2019 tot en met 2022 en wordt gelijktijdig aangeboden met het lokale gezondheidsbeleid ‘Ontwikkelagenda Gezondheid’. Dit preventie en handhavingsplan dient te worden gelezen als de concrete uitvoering van de doelstellingen uit de ontwikkelagenda op het gebied van alcohol en middelen voor jongeren.

2. Probleemanalyse

In dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de gevolgen van alcoholgebruik op jonge leeftijd en de cijfers met betrekking tot het gebruik van alcohol door jongeren in Oosterhout.

 

2.1 Huidige situatie

Uit het meest recente onderzoek onder jongeren (2VO 2017/2018) blijkt dat:

  • 16% van de jongeren (12 t/m 14 jaar) in Oosterhout heeft ooit alcohol gedronken (regio West- Brabant 17%);

  • 4% van de jongeren (12 t/m 14 jaar) in Oosterhout noemt alcoholgebruik problematisch (regio West-Brabant 5%);

  • 3% van de jongeren (12 t/m 14 jaar) in Oosterhout rookt dagelijks (regio West-Brabant 4%);

  • 0,2% van de jongeren (12 t/m 14 jaar) heeft in de laatste vier weken voor het onderzoek drugs zoals wiet, hasj, XTC, cocaïne, paddo's, amfetamine, LSD, GHB, heroïne en/of lachgas) gebruikt (regio West-Brabant 0,6%);

  • 12% drinkt minimaal één dag per week energydrank (zoals Red Bull, Bullit, Rockstar, Golden Power, Highway, Rodeo, Burn, Monster) (regio West-Brabant 13%).

Binge drinkers

Van de jongeren (12 t/m 14 jaar) die in vier weken voorafgaand aan het onderzoek alcohol hebben gebruikt heeft 1% bij ten minste één gelegenheid 5 glazen of meer gedronken (Binge drinking).

 

Figuur 1: resultaten screen klas 2 voortgezet onderwijs (2017-2018, GGD West-Brabant).

 

Ouders van 8-11 jarigen (leefstijlmonitor GGD 2017)

  • 20% van de ouders vindt <15 jaar een verantwoorde leeftijd voor eerste slokje alcohol;

  • 5% van de ouders vindt <15 jaar een verantwoorde leeftijd voor eerste glas alcohol;

  • 0% van de ouders vindt <15 jaar een verantwoorde leeftijd voor regelmatig zelfstandig alcoholgebruik;

  • 44% van de ouders vindt 16 - 17 jaar een verantwoorde leeftijd voor eerste slokje alcohol;

  • 34% van de ouders vindt 16 - 17 jaar een verantwoorde leeftijd voor eerste glas alcohol;

  • 5% van de ouders vindt 16 - 17 jaar een verantwoorde leeftijd voor regelmatig zelfstandig alcoholgebruik.

2.2 Gevolgen van op jonge leeftijd veel drinken

Alcoholgebruik kan ongunstig zijn voor de ontwikkeling van de hersenstructuren. Als er in de puberjaren veel wordt gedronken (veel alcohol in korte tijd) ontwikkelt het brein zich minder goed. Dit geldt met name voor de frontale cortex, waardoor functies zoals geheugen, leer- en concentratievermogen zich minder goed ontwikkelen. Onderzoek laat zien dat er een causaal verband is tussen alcoholgebruik op 16-jarige leeftijd en agressief gedrag vijf tot tien jaar later. Dit verband bleek sterker naarmate er op 16-jarige leeftijd meer alcohol werd gedronken (Memorie van toelichting DHW, 2011-2012, 33 341, nr. 3). Overmatig alcoholgebruik vergroot de kans op verkeersongevallen, letselschade, geweld, spijbelen, onveilige seks en vroegtijdig schoolverlaten.

 

2.3 Alcoholintoxicatie

Als er sprake is van verminderd bewustzijn door in korte tijd teveel alcohol te drinken, spreken we van alcoholintoxicatie. In de ergste gevallen moeten jongeren die dit laten gebeuren worden opgenomen vanwege acute bedreiging van de vitale functies (ademhaling, hartslag). Hierbij kunnen zij zelfs in coma raken.

 

In 20172 zijn landelijk naar schatting 6.000 personen door alcoholintoxicaties in ziekenhuizen behandeld. Ruim de helft van deze comadrinkers (3.200) was jonger dan 25 jaar, bijna een kwart (1.400 jongeren) zelfs onder de 18 jaar. Bij de groep 12-17 jaar gaat het om 116 alcoholintoxicaties per 100.000 inwoners. Het aantal SEH-bezoeken als gevolg van alcoholvergiftiging is in 10 jaar tijd toegenomen met 39%. De stijging werd vooral veroorzaakt door de leeftijdsgroep 25-54 jaar. Bij de leeftijdsgroep 12-17 jaar is er de laatste 10 jaar (sinds 2007) geen significante stijging te zien. De gemiddelde leeftijd van de opgenomen jongeren is in de loop der jaren gestegen. In 2015 lag de gemiddelde leeftijd op 15,4 jaar, in 2007 was dat 14,9 jaar. Van alle jongeren had 45% thuis bij derden (bijvoorbeeld bij een vriend) alcohol gedronken. In bijna 60% van de gevallen kwam de alcohol via vrienden.

 

Alcohol is een neurotoxische stof. Dat wil zeggen dat het drinken van alcohol leidt tot het ‘vergiftigen’ en verminderd functioneren van de hersenen. Bij jongeren die lichamelijk nog niet volgroeid zijn, is de invloed van alcohol groter en het effect van alcohol onverwachter en sneller dan bij volwassenen. Het ene moment hebben zij de ervaring dat er niets aan de hand is en het volgende moment worden zij heel ziek, gaan ‘out’ en raken soms bewusteloos.

 

2.4 Lachgas

De scheikundige naam voor lachgas is dikstikstofmonoxide (N2O). Het is kleurloos en ruikt zoet. Vroeger werd lachgas gebruikt als narcosemiddel, het gebruik van lachgas als roesmiddel is ontstaan in de jaren negentig. De laatste jaren neemt de populariteit van de drug toe. Jongeren inhaleren lachgas via een ballon. Het gas zelf wordt vaak verkocht in patronen en vervolgens via een slagroomspuit in een ballon gespoten. Lachgas zorgt voor een korte maar sterke roes. Eventuele bijwerkingen: duizeligheid, verwardheid en hoofdpijn. Sinds 2016 valt lachgas onder de Warenwet, daarvoor de Geneesmiddelenwet. Verkoop en gebruik is legaal. Patronen zijn te koop in de detailhandel en groothandel, maar ook online en via bezorgdiensten. Soms bieden horecazaken of evenementen lachgas aan. Dit laatste staan wij niet toe op evenementen in Oosterhout.

3. Regelgeving

De gemeente is sinds 1 januari 2013 de belangrijkste uitvoerder van de Drank- en Horecawet. De grondslag voor toezicht en handhaving op het gebied van alcohol is onder andere te vinden in de DHW, maar ook in de Oosterhoutse Apv.

 

3.1 Drank en horecawet (DHW)

Op het gebied van alcoholwetgeving is de afgelopen jaren veel gewijzigd. In het kader van de decentralisatie van overheidstaken ligt preventie en handhaving van de Drank- en Horecawet (hierna te noemen: DHW) sinds 2013 bij de gemeenten (daarvoor was het een taak van de Nederlandse Voedsel- en Waren Autoriteit (hierna te noemen: NVWA)). Per 1 januari 2013 is de burgemeester het bevoegd gezag voor toezicht op de naleving van de DHW in de gemeente.

 

Per 1 januari 2014 is, via een wijziging in de DHW, de leeftijdsgrens voor het kopen en in bezit hebben in voor het publiek toegankelijke plaatsen (zoals straat, park, café etc.) van alcoholhoudende drank verhoogd van 16 naar 18 jaar. Reden hiervoor is dat jongeren beschermd moeten worden tegen de schadelijke gevolgen van alcohol. Daarnaast verplicht de DHW gemeenten een Preventie- en Handhavingsplan door de raad te laten vaststellen.

 

Er wordt landelijk gewerkt aan een gewijzigde drank- en horecawet. Op dit moment loopt de consultatie (mei 2019). Mogelijk gaat ook de naam van de wet wijzigen in ‘alcoholwet’. Hiermee wordt beter tot uitdrukking gebracht dat de kern van de wet in regels rondom het schenken en verkopen van alcoholhoudende dranken ligt. De voor dit plan belangrijkste voorgenomen wijzigingen zijn aangepaste regels voor verkoop van alcohol op afstand, het strafbaarstelling volwassenen die alcohol doorgeven aan minderjarigen, uitzondering op het strafbaar stellen van 16- en 17 jarige testkopers (in verband met discussie over het ommiskenbaarheidsprincipe) in het kader van toezicht en prijsacties met meer dan 25% korting zijn niet langer toegestaan. Bij de invoering van de gewijzigde wet blijft dit plan van toepassing.

 

3.2. APV

Happy hours beperken

Onderzoek laat zien (Meier e.a., 2008) dat de prijs van alcohol een belangrijke voorspeller is voor gebruik. En dat met prijsinterventies gebruik beïnvloed kan worden. Het verhogen van alcoholprijzen heeft zelfs de meeste impact op drinkers die heel veel drinken. Daarmee is deze maatregel een effectieve in het tegengaan van dronkenschap. Op basis van DWH artikel 25d3 is het mogelijk om als gemeente op te treden bij ‘happy hours’ waar tijdens bepaalde tijdspanne kortingen op alcoholhoudende drank wordt gegeven voor gebruik ter plaatse in een horecalokaliteit of op een terras.

Beperken schenktijden paracommercie

Het beperken van schenktijden in de paracommercie is geen wettelijke verplichting voor gemeenten. Toch is het verstandig de schenktijden in sportverenigingen en jongerencentra zeker daar waar veel jongeren komen, niet te ruim te maken. Achterliggende gedachte is de wetenschap dat ruime schenktijden leiden tot meer consumptie. Ook is het de vraag of het vanuit normatief oogpunt wenselijk is dat tieners tijdens sport en spel van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat geconfronteerd worden met het alcoholgebruik van anderen. Gemeente Oosterhout heeft de regulering van de schenktijden voor paracommercie geregeld in paragraaf 8A in de APV.

Lachgaspatronen

Begin 2019 heeft de gemeenteraad besloten het gebruik van lachgas op straat te verbieden, als daardoor hinder ontstaat óf de veiligheid en volksgezondheid in gevaar komt.

 

Actie:

  • Indien noodzakelijk wordt het plan aangepast op de gewijzigde wetgeving.

4. Educatie

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de activiteiten van de pijler educatie. Uit de evaluatie kwam naar voren dat preventie-activiteiten het beste gericht kunnen zijn op de omgeving van jongeren. Voor een belangrijk deel gaat het daarbij om de sociale en professionele omgeving van jongeren. Daarom staan omgevingsgerichte educatieve activiteiten centraal in dit hoofdstuk. Daarbij onderscheiden we vier doelgroepen die invloed kunnen hebben op het alcohol- en middelengebruik van jongeren, namelijk alcoholverstrekkers, ouders, scholen en evenementen organisatoren. Voordat ingegaan wordt op deze doelgroepen, wordt er allereerst kort beschreven op welke manier jongeren en hun omgeving geïnformeerd worden over de nieuwe regelgeving, namelijk via campagnes.

 

4.1 Gewenste gedrag

Belangrijk aspect van de aanpak is de beïnvloeding van de sociale omgeving. Om daar een helder beeld over te hebben maken we gebruiken van de onderstaandetabel, waarin per doelgroep in de sociale omgeving van jongeren wordt aangegeven wat het gewenste gedrag is.

 

Op basis van een tweetal expertmeetings heeft de GGD in samen werking met politie, Horeca Nederland en gemeentelijke afdelingen in Breda gewenst gedrag benoemt bij partijen waar jongeren mee in aanraking komen. Uitkomsten waar wij in Oosterhout ons voordeel mee kunnen doen. Uiteraard dienen alle alcholverstrekkers te handelen volgens artikel 20 DHW en geen alcohol te verkopen aan jongeren onder de 18 jaar.

 

Jongeren

Drinken met mate vanaf 18 jaar

 

Verstrekken geen alcohol aan jeugd onder de 18 jaar

 

Weerbaar ‘nee’ kunnen zeggen

Ouders

Geven in hun alcoholconsumptie het goede voorbeeld

 

Voorkomen thuis indrinken

 

Weten dat het stellen van duidelijke grenzen door hen nog steeds bijdraagt aan verantwoord drinkgedrag van hun kinderen

 

Geven ook bij evenementen en horecalokaliteiten geen alcohol aan hun kinderen (wederverstrekking)

Scholen

Alcoholgebruik tijdens schoolkampen en schoolfeesten wordt niet getolereerd

 

Leerkracht drinken zelf geen alcohol tijdens schoolfeesten

Sportverenigingen

Schenken geen alcohol terwijl de jeugd nog sport en staan drankgebruik niet toe op het veld

 

Vinden alternatieven voor sponsoring alcoholproducenten

 

Houden zich aan NIX18 (met ID check)

Horeca

Voorkomen wederverstrekking

Evenementen

Maken minder (gebruik van) alcoholreclame

Supermarkten

Voorkomen het kopen van grote hoeveelheden van gekoelde drank

 

Hebben een taak tot alert zijn op de wederverstrekking

Openbare ruimte

Meer controle op indrinken en alcohol verstrekking door oudere jeugd aan jeugd tot 18 jaar

 

4.2 Alcoholverstrekkers

Alcoholverstrekkers kunnen horecaondernemers, barpersoneel, barvrijwilligers, portiers, caissières, filiaalmanagers etc. zijn. Van deze professionals wordt verwacht dat ze de leeftijdsgrens voor de verstrekking van alcohol kennen en naleven, evenals het verbod op doorschenken bij dronkenschap en het toelaten van personen in kennelijke staat van dronkenschap in de onderneming, vereniging of het evenement. Ook hebben traininen voor barpersoneel en vrijwilligers een belangrijke preventieve werking en blijven we deze onder de aandacht brengen.

 

4.3 Onderwijs

Binnen het Oosterhoutse onderwijs wordt aandacht besteed aan het terugdringen van middelengebruik onder jongeren. Preventie van alcoholgebruik wordt opgepakt door de werkgroep Veilige School, met de zorgcoördinatoren van alle scholen voor voortgezet onderwijs (uit de Dongemondregio), gemeente, politie en op afroep HALT en GGD. Zo wordt bijvoorbeeld jaarlijks een flyer gericht op ouders geactualiseerd. Deze wordt vlak voor de Carnavalsperiode digitaal verspreid aan alle ouders/opvoeders van alle scholen. Ook de jongerenwerkers van Surplus hebben hierin een rol en wordt de expertise Novadic-Kentron vraaggericht ingezet rond voorlichting en preventie op het gebied van verslavingen.

 

De school kan op basis van monitorcijfers een passende interventie inzetten met ondersteuning vanuit de GGD. Dit kan structureel vormgegeven worden via De Gezonde School Aanpak: beleid ontwikkeld op het gebied van educatie, omgeving, ouders, regelgeving en signalering. Er zijn verschillende goed onderbouwde interventies in vooral het voortgezet onderwijs en er zijn vernieuwende interventies waar de GGD aan meewerkt, zoals de doorontwikkeling van Cool Choice die meer gericht is op optimaliseren van weerbaarheid. Zo kan preventie structureel ingebed zijn in het schoolbeleid. Indien de school dit wenst kan dat bovendien leiden tot het vignet "Gezonde School".

 

4.4 Ouders en de thuissituatie

Veel ouders onderschatten systematisch hoeveel hun kinderen drinken (HBSC Rapport 2013, Trimbos Instituut). De beschikbaarheid van alcohol in huis en het stellen van regels zijn geschikte instrumenten om alcoholgebruik tegen te gaan. Kinderen van ouders die geen duidelijke regels hebben afgesproken en geen leeftijdsgrens hebben gesteld voor het drinken van alcohol blijken op jongere leeftijd te beginnen met drinken. Ze drinken bovendien vaker dan jongeren waarvan de ouders wel een leeftijdsgrens hebben gesteld. Naast het stellen van regels is een andere beschermende factor: een goede band tussen ouder en kind. Een slechte ouder-kind relatie en psychische problematiek of middelengebruik van de ouders zijn risicofactoren. Adviezen met betrekking tot alcoholopvoeding zullen in samenwerking met de eerder genoemde scholen voor voortgezet onderwijs aan ouders worden aangeboden.

 

Ook door regels te stellen die niet expliciet gaan over alcoholgebruik, kunnen ouders invloed hebben op het alcoholgebruik van hun kind. Dan gaat het vooral over afspraken omtrent uitgaan, zoals staptijden, hoe vaak per week ze uit mogen. Uitgaansopvoeding is nodig zodat ouders zich meer bewust zijn van de rol die ze kunnen spelen om de schade van middelengebruik tijdens het uitgaan te voorkomen of te beperken. Via diverse relevante kanalen (GGD, verslavingszorginstelling, lokale media, ouderavonden op scholen en in sportverenigingen) worden ouders voorgelicht over een adequate opvoedstijl en worden zij gewezen op ondersteunende websites als www.praatmetuwkind.nl en www.nix18.nl.

 

4.5 Evenementen organisatoren

Samen met organisatoren van evenementen werken we zowel aan preventie als aan handhaving van alcohol en drugs gebruik. In de beleidsregels voor evenementen zijn voorwaarden op het gebied van alcohol en drugs opgenomen bij het verkrijgen van een evenementenvergunning. Voor het voorkomen van lachgas gebruik tijdens evenementen kunnen aanvullende bepalingen worden opgesteld als daar aanleiding voor is. Verder zetten we de komende periode in op het voorkomen van problemen en denken we met organisatoren mee over de inzet van maatregelen zoals werken met polsbandjes, de inzet van een alcoholcheck met blaastest, het werken met alcoholpreventie teams en het aanbieden van aantrekkelijke en gezonde alternatieven voor alcohol (en in het verlengde daarvan voeding). Daarnaast is de beschikbaarheid van drinkwater een aandachtspunt op basis van onderling overleg.

 

Acties:

 

Jongeren en ouders

  • GGD ontplooit activiteiten voor jongeren. Dit betreft een integrale aanpak, gericht op zowel jongeren als ouders. Hierbij wordt o.a. aandacht besteed aan het versterken van de sociale vaardigheden. Op basis van eerdere ervaringen zal de nadruk (nog) meer gelegd worden op het bereiken van ouders om de bewustwording bij ouders te vergroten. Via de website van de GGD kunnen ouders en jongeren informatie vinden over alcohol en middelengebruik. Deze wordt actueel gehouden. Via de website(s) kunnen vragen gesteld worden en er wordt een chatmogelijkheid geboden. Voor ouders maakt de GGD West-Brabant gebruik van het digitale ouderportaal Mijn Kind in Beeld https://www.mkib.nl/#!/home. Hier is, met eigen inlogcode, informatie over het eigen kind in te zien en kunnen ouders advies op maat ontvangen. Ouders kunnen opvoedinformatie opzoeken over diverse onderwerpen voor hun kind aansluitend bij de leeftijdsfase. Zie bijvoorbeeld de specifieke info voor kinderen in basisschoolleeftijd via https://www.opvoeden.nl/?s=Alcohol. Voor de jongeren is er Jouw GGD met informatie en mogelijkheid tot stellen van vraag en chatten over diverse thema’s waaronder alcohol, roken en drugs https://www.jouwggd.nl/alcohol-roken-drugs/;

  • Communiceren over het vastgestelde Preventie- en handhavingsplan alcohol en de activiteiten die in de komende beleidsperiode hieruit voortvloeien. Specifiek over de mogelijkheid om beboet te kunnen gaan worden. Hiervoor starten we een communicatietraject, dat we met de doelgroep (en met ondersteuning vanuit JONG) oppakken. Beboeten vormt het sluitstuk, maar het traject start met het communiceren en informeren over de nieuwe aanpak;

  • We willen niet dat de deuren van de horeca en evenementen voor 18-minners gesloten worden. Samen met de doelgroep, horeca en andere organisaties werken we aan alternatieven, zoals het bestaande KaaiKapot met carnaval.

Scholen

  • Alcoholvoorlichting vindt plaats op de middelbare scholen. Met de GGD zijn binnen het lokaal maatwerk afspraken gemaakt over voorlichtingsactiviteiten;

  • In het basisonderwijs wordt, als logisch onderdeel van het curriculum, in nauwe samenwerking met de GGD aandacht besteed aan preventie (alcohol/drugs), gericht op het omgaan met groepsdruk c.q. weerbaarheid;

  • Er kunnen (blaas)acties plaatsvinden bij schoolfeesten. Hierbij vindt ook voorlichting plaats en wordt de mogelijkheid om als jongere een boete te krijgen onder de aandacht gebracht.

Para commerciële instellingen (verenigingen en stichtingen met een drank- en horeca-vergunning)

  • Per brief informeren over het vastgestelde Preventie- en handhavingsplan alcohol en de activiteiten en controles die hier in de komende beleidsperiode mogelijk hieruit voortvloeien;

  • In navolging van het landelijk sportakkoord maken we lokaal afspraken met sportverenigingen over het schenken van alcohol, waarbij de focus ligt op het beperken van alcoholverstrekking wanneer jeugd aan het sporten is;

  • De gratis door NOC-NSF ontwikkelde online cursus Instructie Verantwoord alcohol schenken (IVA) voor barvrijwilligers promoten;

  • Aansluiten bij landelijke campagnes die gericht zijn op alcohol in relatie tot het verenigingsleven, gezonde sportkantines en een rookvrije sportomgeving.

Horeca

  • Informeren over het vastgestelde Preventie- en handhavingsplan alcohol en de activiteiten die in de komende beleidsperiode hieruit voortvloeien;

  • Er vinden gerichte blaasacties plaats rondom het uitgaansgebied. Dit gebeurt in samenwerking tussen gemeente en politie. Deze acties worden ook ondersteund door de GGD om ter plaatse informatie te kunnen geven. We gaan deze acties gebruiken om de mogelijkheid om beboet te worden onder de aandacht te brengen;

  • Aansluiten bij landelijke campagnes die gericht zijn op alcohol in relatie tot de horeca.

Evenementen

  • Uitgangspunt vormen de beleidsregels en vergunningsvoorwaarden voor evenementen. Als gemeente denken we mee in mogelijkheden, maar de verantwoordelijkheid ligt bij organisatoren. We vragen extra aandacht voor gezondere alternatieven en preventieve inzet. Ook in de komende periode kunnen er controles plaatsvinden tijdens evenementen.

  • Er kunnen (blaas)acties plaatsvinden bij evenementen. Hierbij vindt ook voorlichting plaats en wordt de mogelijkheid om als jongeren een boete te krijgen onder de aandacht gebracht;

  • Aansluiten bij landelijke campagnes die gericht zijn op alcohol in relatie tot de evenementen.

Gemeente

  • We inventariseren de mogelijkheden die we zelf als organisatie hebben om verder invulling te geven aan onze voorbeeldrol en werken dit uit in acties.

Daarnaast wordt nagedacht over nieuwe acties die uitgevoerd kunnen worden.

5 Handhaving

Het preventiemodel Reynolds (2003) kent 3 beleidspijlers, te weten: educatie, regelgeving en handhaving. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de pijler handhaving.

 

5.1 Contact met alcoholverstrekkers intensiveren

In de komende periode wordt extra ingezet op laagdrempelig contact leggen met alcoholverstrekkers vanuit de Oosterhoutse BOA’s. Door in gesprek te gaan en te blijven is het eenvoudiger om samen op te trekken en elkaar aan te spreken, omdat voorkomen aan de voorkant beter werkt dan handhaven aan de achterkant. Elkaar kennen en belangen begrijpen vormt één van de aandachtspunten vanuit de vorige periode.

 

5.2 Evaluatie Baroniepool

Voor alcohol-gerelateerde controle wordt gebruik gemaakt van de BOA pool binnen de samenwerking in de Baronie. Ook wordt gebruik gemaakt van jongeren uit de regionale pool. De samenwerking binnen de regionale pool vergoot de kans dat controles anoniem kunnen worden uitgevoerd.

Wel is het belangrijk dat de controles voldoende aansluiten op de preventieve activiteiten, terugkoppeling plaatsvindt over controles en bevindingen (leereffect) en dat er voldoende kennis aanwezig is van de lokale situatie, zodat controles gericht en gespreid worden ingezet.

 

Het Baronie samenwerkingsconvenant loopt eind 2019 af en dient te worden geëvalueerd. Op basis van signalen vanuit de Oosterhoutse horeca dient bij de evaluatie in ieder geval te worden stilgestaan bij het beoogde effect van de controles, planning en frequentie (verschillende momenten/dagen/tijden) en het onmiskenbaarheidprincipe. Mogelijk geeft de nieuwe alcoholwet4 meer mogelijkheden om controles uit te voeren met testpersonen van 16 en 17 jaar oud, zoals onderdeel was van de wet die in mei 2019 ter consultatie is voorgelegd.

 

5.3 Jongeren beboeten

Een belangrijke ontwikkeling is het gevolg van de leeftijdsmaatregel (van 16 naar 18 jaar). Hierdoor zien we dat de omgeving en plaats waar van de jongeren tot 18 jaar alcohol consumeren verandert (onder andere verminderde toegang tot cafés). Natuurlijk vraagt de verstrekking (en wederverstrekking) in horeca en detailhandel nog steeds onze aandacht, maar de verantwoordelijkheid ligt niet alleen bij de verstrekkers van alcohol.

 

We gaan daarom steviger inzetten op het aanspreken van jongeren en hun ouders op hun verantwoordelijkheid. Uiteraard in preventieve zin door het voorzetten van bewustwording bij en verantwoordelijkheid van ouders voor de jongeren (we bieden ouders instrumenten om alcoholgebruik onder jongeren tegen te gaan). Echter introduceren we ook het beboeten van jongeren die een overtreding begaan. Minderjarigen die in een Oosterhoutse horecalokaliteit alcohol drinken of op straat alcohol drinken lopen het risico op een boete van 45/95 euro of een verwijzing naar Bureau Halt te krijgen. We leggen daarmee de verantwoordelijkheid voor een overtreding op de drank- en horecawet niet langer meer volledig bij alcoholverstrekkers, maar ook bij de jongeren zelf en hun ouders.

 

5.4 Samenwerking met alcoholverstrekkers: verkennen van zelfregulerend systeem

Alcoholverstrekkers kunnen de gemeente ondersteunen bij het toezicht en de handhaving, maar meer nog bij het streven naar een klimaat waarin alcohol op verantwoorde wijze wordt aangeboden. Landelijk zijn er gemeenten die van start zijn gegaan met zelfregulerende controles vanuit de horeca. De resultaten van dergelijke acties worden vervolgens met de gemeente gedeeld. De uitkomsten van deze zelfcontroles kan een gemeente helpen om een afweging te maken waar, welke controles en met welke frequentie worden ingezet. Effectieve samenwerking met partijen biedt hier kansen om te komen tot een doelmatige en effectieve inzet van gemeentelijke middelen op momenten waarop zij daadwerkelijk nodig zijn. Het gaat daarbij om een constructieve samenwerking binnen vastgestelde kaders. Deze manier van werken en de daaraan gekoppelde eigen verantwoordelijkheid biedt daarnaast meer ruimte voor de alcoholverstrekker om sancties te voorkomen.

 

Het verkennen van een dergelijke samenwerking sluit aan op de wensen en behoeften vanuit de lokale horeca. Het slagen van een dergelijke samenwerking en het werken met een zelfregulerend systeem vraagt wederzijds vertrouwen, een investering in tijd en middelen en vooral een verkenning waar een dergelijk pilot voor alle partijen aan dient te voldoen. De gemeente staat open voor het verkennen van een zelfregulerende systeem in samenwerking met de lokale horeca.

 

5.5 Periodiek overleg en nalevingscommunicatie

Communicatie kan het effect van de handhaving versterken. Het kan bijdragen aan een verhoogde subjectieve pakkans en aan meer draagvlak voor de maatregelen. Er kan bijvoorbeeld gecommuniceerd worden over toekomstige toezichtprojecten en resultaten van handhavingsacties. in de komende periode zal hier extra op worden ingezet. Zeker om het beboeten van jongeren onder de aandacht te brengen.

 

Het alcohol en middelen gebruik zijn onderwerp tijdens het tweewekelijkse overleg tussen handhaving en politie (wijkagenten en politie met taakaccent horeca). De bij de gemeente, de politie en in de markt aanwezige kennis wordt verder de komende periode minimaal 1x per jaar breed gedeeld met horeca, evenemenetenorganisatoren, paracommerciele instellingen, jongeren en hun ouders. Vanuit deze gedeelde inzichten wordt bekeken of de gezamenlijke inzet goed loopt en of deze bijsturing behoeft.

 

Verschillende partners geven aan dat de communicatie over wat de gemeente doet om alcoholgebruik en -misbruik tegen te gaan kan worden verbeterd. Daarom wordt voorgesteld in de komende jaren minimaal één keer per jaar aan te sluiten bij het overleg van de accountmanager horeca met de lokale horeca en in gesprek te gaan over de preventie en handhaving. Dit in dit plan genoemde acties kunnen als uitgangspunt dienen.

 

Ook richting scholen en paracommerciële instellingen dient de communicatie over dit onderwerp meer aandacht te krijgen. Minimaal jaarlijks verschijnt er een nieuwsbrief die onder alle partijen wordt verspreid. Op deze manier kan onder de aandacht worden gebracht wat er aan preventieve- en handhavingsactiviteiten bij verschillende alcoholverstrekkers (o.a. horeca, para commercieel, supermarkt en slijterij) op het gebied van alcohol in Oosterhout worden uitgevoerd.

 

5.6 Alcohol en sanctiebeleid

Op het moment dat het nodig is, zal gesanctioneerd worden door de gemeente en/of politie. Er is een diversiteit aan sancties bij overtredingen op grond van de Drank- en Horecawet en de Apv op te leggen. In de ‘Sanctietabel behorend bij Oosterhouts Alcohol- en Horecasanctiebeleid’ zijn deze nader beschreven.

 

In de komende periode wordt voor het eerst ingezet op het beboeten van jongeren onder de 18 jaar die alcohol nuttigen. Een veel gehoorde kritiek was dat de verantwoordelijkheid nu volledig ligt bij alcoholverstrekkers en dat jongeren en hun ouders geen boete of haltverwijzing krijgen. De gemeente Breda is in 2019 begonnen met het beboeten van jongeren en de gemeente Oosterhout zal op basis van de ervaringen vanuit Breda ook jongeren gaan beboeten. Alvorens we hier in samenwerking met BOA’s en politie gerichte acties op gaan organiseren zullen we hier over communiceren richting doelgroep als onderdeel van de preventieve activiteiten (o.a. via horeca en op evenementen).

 

5.7 Uitvoeringsprogramma toezicht en handhaven

De diverse soorten controles met bijbehorende frequentie worden nader uitgewerkt in het gemeentelijke uitvoeringsprogramma Vergunningverlening, Toezicht & Handhaving Fysieke Leefomgeving en het draaiboek DHW. Deze worden jaarlijks opgesteld en/of geactualiseerd. In deze stukken wordt rekening gehouden met de in dit plan beschreven activiteiten.

 

We zetten daarbij extra in op registratie en monitoring. Op deze manier kunnen we jaarlijks bekijken wat de resultaten zijn van de controles en kunnen we op basis van de uitkomsten beslissen om extra aandacht te geven aan bepaalde groepen alcoholverstrekkers. Als registratie en monitoring vorm heeft gekregen kunnen we deze informatie ook weer gebruiken in de communicatie naar alcoholverstrekkers, zodat ze zien dat we als gemeente handhaving inzetten naar alle typen alcoholverstrekkers (denk aan regulier horeca, para commercieel, evenementen en supermarkten).

 

Acties:

 

Beboeten van jongeren

  • Jongeren die een overtreding begaan beboeten of doorsturen naar bureau Halt – we starten in 2019 met de voorlichting en in 2020 met de uitvoering;

  • Uitwerken handhavingsprotocol voor het beboeten van jongeren;

  • Werkafspraken maken met bureau Halt over de mogelijkheden om een Halt traject in plaats van een boete te krijgen.

Handhaving

  • Evaluatie van de werking van de Baronie pool, waarin de aandachtspunten vanuit de lokale horeca worden meegenomen;

  • Uitvoering van controles in het kader van de DHW op basis van een actueel draaiboek, waarin bereik en aantal controles per soort alcoholverstrekker is uitgewerkt en wordt geregistreerd;

  • Bijhouden van lijst met hotspots. Een hotspot is een plek in de openbare ruimte waar wordt gedronken en waar veel jongeren t/m 25 jaar samenkomen. De lijst is dynamisch van aard en wordt waar nodig aangepast;

  • Samen met de horeca verkennen van een zelfregulerend systeem naast de reguliere DHW- controles;

  • Doorlopend laagdrempelig contact leggen vanuit de BOA’s en onderhouden met horeca.

Communicatie

  • Minimaal jaarlijks aansluiten bij overleg met horeca met als doel om de samenwerking te versterken door met name kennis en ervaringen met elkaar te delen;

  • Minimaal jaarlijks een nieuwsbrief rond preventie en handhaving van alcohol opstellen en verspreiden voor het informeren en voorlichten over de gemeentelijke aanpak en de mogelijk tools en instrumenten en landelijke campagnes.

6. Resultaten en budget

 

6.1 Resultaten

Het streven is om eind 2022 de volgende doelstellingen bereikt te hebben:

  • 1.

    Het alcoholgebruik beneden de wettelijke leeftijdsgrenzen en dronkenschap is afgenomen;

  • 2.

    De naleving van alcohol-gerelateerde wet- en regelgeving door alcoholverstrekkers en jongeren, o.a. DHW en Apv is verbeterd ten opzichte van het basisjaar 2018.

Om de te behalen resultaten te kunnen meten, wordt in de komende periode de volgende (uitgebreidere) set indicatoren gebruikt (onderdeel 2 verstoringen en onderdeel 3 naleving worden toegevoegd t.o.v. periode 2014-2018).

 

  • (1)

    Het alcoholgebruik beneden de wettelijke leeftijdsgrenzen en dronkenschap is afgenomen:

    • Cijfers uit de Jeugdmonitor*12 t/m 18 jaar van GGD West-Brabant;

    • Cijfers uit volwassenenmonitor 19 t/m 64 jarige van GGD West-Brabant;

      • Afname van het aantal ouders dat het goed vindt dat onder de 18 jaar alcohol wordt.

      • Toename van het aandeel inwoners dat voldoet aan de norm voor verantwoord alcoholgebruik.

  • (2)

    De naleving van alcohol-gerelateerde wet- en regelgeving door alcoholverstrekkers en jongeren, o.a. DHW en Apv is verbeterd ten opzichte van het basisjaar 2020:

    • Aantal controles onderverdeeld naar tenminste horeca, para-commercieel, supermarkten en slijterijen en evenementen;

    • Aantal her controles;

    • Aantal alcohol-gerelateerde HALT-zaken en boetes;

    • Aantal alcohol-gerelateerde bestuurlijke handhavingsprocedures door gemeente.

Het gebruik van alcohol en middelen wordt in grote mate bepaald door de keuzes die een inwoner zelf maakt en worden beïnvloed door zijn of haar omgeving. Preventie heeft een ‘lange termijn’-effect en de interventies vanuit dit gemeentelijke plan zijn er hier één van. Een één op één relatie tussen de resultaten en de gemeentelijke acties is niet aan te tonen. Bovenstaande set indicatoren is bedoeld om trends in beeld te brengen.

 

* De cijfers uit de 2VO enquête 2017-2018 van GGD West-Brabant worden gebruikt als referentiepunt om de resultaten voor het alcoholgebruik beneden de wettelijke leeftijdsgrenzen te kunnen meten.

Jaarlijks worden deze metingen uitgevoerd en de resultaten van deze enquêtes worden gebruikt om de voortgang te monitoren.

 

6.2 Budget

De uitvoering van beschreven activiteiten valt binnen de reguliere budgetten van verschillende gemeentelijke afdelingen en beleidsterreinen. De inzet van de GGD op preventieve activiteiten is onderdeel van de reguliere taken van de GGD West-Brabant en opgenomen in het takenpakket, dat via de gemeenschappelijke regeling wordt betaald.

 

Vanuit het beleidsterrein volksgezondheid wordt de uitvoering van dit plan georganiseerd. Binnen het reguliere budget uitvoering volksgezondheid wordt jaarlijks een bedrag van maximaal € 5.000,- gereserveerd voor specifieke acties en activiteiten richting op alcohol en middelen preventie en handhaving.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 17 september 2019.

DE RAAD VOORNOEMD,

voorzitter

griffier

Bijlage 1: Evaluatie Preventie- en Handhavingsplan ‘Op je gezondheid’

 

Periode 1 januari 2014 tot en met 31 december 2018

1. Doelstellingen

 

1

Jongeren en hun ouders kennen de gevolgen van te vroeg (vóór 18 jaar) en te veel alcohol drinken en zijn zelf in staat een gezonde keuze te maken/gezond op te voeden.

Gezondheidsnota Oosterhout ‘14-‘17

2

Alcoholpreventie, regelgeving en handhaving worden in verbinding met elkaar uitgevoerd.

Gezondheidsnota Oosterhout ‘14-‘17

3

Verstrekkers van alcohol kennen de gevolgen van te vroeg (vóór 18 jaar) en te veel alcohol drinken, werken mee aan preventieve activiteiten en houden zich aan de wettelijke regels met betrekking tot de leeftijdsgrens, doorschenken en toelaten van dronken personen.

Preventie en handhavingsplan ‘14-

‘17

4

Via integraal, programmatisch handhaven te komen tot een effectieve en efficiënte inzet van middelen, met als doel de naleving van de wet en regelgeving op het vlak van drank en horeca te bereiken en/of te bevorderen.

Handhavingsbeleidsplan Fysieke Leefomgeving ‘11-‘14

2. Resultaten

In onderstaande tabel is het alcohol- en middelengebruik onder jongeren (12-14 jaar) in Oosterhout vanaf 2014 weergegeven. De cijfers uit 2014/2015 zijn gebruikt in het vorige Preventie- en handhavingsplan ‘Op je gezondheid’ en vormen een nulmeting. Aan de hand van cijfers in de daarop volgende jaren kan worden ingeschat in hoeverre het preventie- en handhavingsplan een positieve bijdrage heeft geleverd aan de bovengenoemde doelstellingen. Uiteraard spelen meerdere factoren een rol, maar de volgende ontwikkelingen zijn zichtbaar:

  • Het alcoholgebruik onder jongeren van 12 tot 14 jaar is eerst gestegen en nu een aantal jaren constant op een niveau van 16%;

  • Het percentage jongeren van 12-14 jaar dat rookt is afgelopen periode eerst gestegen en in 2017/2018 weer terug op een percentage van 3%. Dit is gelijk aan het niveau van 2014/2015;

  • Het drinken van energiedrankjes onder jongeren van 12-14 jaar laat een dalende lijn zien;

  • Problematische gamen in de doelgroep 12-14 jaar is afgenomen;

  • Op alle indicatoren scoort de Oosterhout lager dan het gemiddelde van de regio West- Brabant.

Gemeenteprofiel Oosterhout 2VO, GGD (12-14 jaar)

 

gem. West - Brabant

2014/2015

2015/2016

2016/2017

2017/2018

 

2017/2018

Drinkt alcohol

11%

16%

17%

16%

17%

Noemt alcoholgebruik problematisch

2%

5%

5%

4%

5%

Rookt

3%

6%

5%

3%

4%

Drugs: heeft in de laatste vier weken drugs gebruikt (zoals wiet, hasj, XTC, cocaïne, paddo's, amfetamine, LSD, GHB, heroïne en/of lachgas)

0.9%

0.8%

0.5%

0,2%

0,6%

Energydrank: drinkt minimaal één dag per week energiedrank (zoals Red Bull, Bullit, Rockstar, Golden Power, Highway, Rodeo, Burn, Monster)

--

21%

16%

12%

13%

Noemt gamen problematisch

--

1%

0.2%

0,2%

0,6%

 

In onderstaande tabel is de mening van ouders in Oosterhout over alcohol weergegeven. Alle indicatoren laten een positieve ontwikkeling t.o.v. 2013 zien. De mening van ouders ten aan zien van alcohol gebruik onder hun kinderen is aan het kantelen in de goede richting. De wetswijziging over de verhoging van de leeftijd waarop mag worden gedronken van 16 naar 18 jaar wordt door een steeds grotere groep ouders omarmt.

 

Ouders van 8 - 11 jarigen in Oosterhout

2008

2013

2017

Ouder vindt <15 jaar een verantwoorde leeftijd voor eerste slokje alcohol

49%

37%

20%

Ouder vindt <15 jaar een verantwoorde leeftijd voor eerste glas alcohol

15%

6%

5%

Ouder vindt <15 jaar een verantwoorde leeftijd voor regelmatig zelfstandig alcoholgebruik

2%

0%

0%

Ouder vindt 16 - 17 jaar een verantwoorde leeftijd voor eerste slokje alcohol

40%

45%

44%

Ouder vindt 16 - 17 jaar een verantwoorde leeftijd voor eerste glas alcohol

58%

52%

34%

Ouder vindt 16 - 17 jaar een verantwoorde leeftijd voor regelmatig zelfstandig alcoholgebruik

17%

10%

5%

3. Aandachtspunten vanuit de horeca

Vanuit verschillende afdelingen en functies heeft de gemeente op bestuurlijk en ambtelijk niveau contact met horecaondernemers. Vanuit de horeca is in de afgelopen periode gevraagd om aandacht voor:

  • Het gevoel bestaat bij de reguliere horeca dat er vooral bij hen toezicht wordt gehouden. Ook vinden controles te veel bij dezelfde bedrijven en tijdstippen plaats, waardoor sommige bedrijven veel en andere nooit aan de beurt zijn gekomen;

  • Ook bestaat het beeld dat er weinig aandacht en controles zijn richting para-commerciële instellingen. Beter spreiding en hier over communiceren is gewenst;

  • Het beleid is volgens de horeca te veel gericht op sanctioneren en niet het voorkomen van verstrekking aan minderjarigen;

  • Er worden controles uitgevoerd door meederjarige controleurs die zich voordoen als mogelijk minderjarig. Er wordt gesanctioneerd wanneer personen in de leeftijdscategorie 18-25 jaar alcohol wordt verstrekt zonder controle van hun ID. Dit kan alleen als deze controleur er mogelijk uitziet als minderjarig ( onmiskenbaarheidsprincipe). Dit is niet uitgewerkt in een protocol ook sluit het niet aan op het sanctiebeleid waardoor er vanuit de horeca wordt aangegeven dat het een subjectief gegeven is;

  • De controleurs missen lokale kennis, want ze worden ingevlogen vanuit andere gemeenten. Deze keuze is door de gemeente gemaakt, zodat controleurs niet herkend worden. Echter wordt aandacht gevraagd voor een goede briefing vanuit de gemeente op basis van kennis van de Oosterhoutse binnenstad.

  • De horeca vraagt meer aandacht voor de rol van ouders en de verantwoordelijkheid die bij jongeren zelf ligt;

  • De voorbeeldfunctie van de gemeente rond alcoholverstrekking tijdens de door de gemeente georganiseerde bijeenkomsten.

4. Conclusie

Naar aanleiding van bovenstaande punten wordt voorgesteld het Preventie- en Handhavingsplan 2019-2022 op een aantal punten aan te passen. Nu de gemeente een aantal jaren ervaring heeft met het Preventie- en Handhavingsplan ‘Op je gezondheid’ en de cijfers uit de vorige paragraaf van deze evaluatie bekend zijn is gebleken dat:

  • 1.

    De aanpak zich meer moet richten op de ouders van de jongeren. Ouders hebben namelijk een faciliterende rol op het gebied van alcohol. De alcoholverstrekker heeft minder invloed dan de ouders, daarom is het belangrijk dat het vernieuwde plan zich ook richt op de ouders van de jongeren.

  • 2.

    De gevolgen van een overtreding (drinken voor de leeftijd van 18 jaar) voor de jongeren dienen te worden aangescherpt.

  • 3.

    De preventie en handhavingsacties elkaar kunnen versterken en meer navolging kunnen krijgen. De communicatie over en de inzet van gemeentelijke handhavingscapaciteit dient structureler vorm te krijgen. Vanuit handhaving dient er te worden geïnvesteerd op het opbouwen van een band en het inzicht verkrijgen in wederzijdse belangen;

  • 4.

    Door de leeftijdsmaatregel (van 16 naar 18 jaar) is de omgeving van de jongeren veranderd (onder andere verminderde toegang tot cafés) en zullen jongeren mogelijk de grenzen opzoeken van de situatie die ontstaan is. We zien dit onder andere aan:

    • a.

      thuis (in)drinken;

    • b.

      samenkomen en drinken in hokken en keten;

    • c.

      compensatie met andere middelen, zoals (soft) drugs en lachgaspatronen.

Terug naar het overzicht