Deze website maakt gebruik van cookies voor statistiek-doeleinden. Gaat u hiermee akkoord? Ja Nee
 

Beschermde gezichten in Oosterhout

In de gemeente Oosterhout heeft de rijksoverheid drie beschermde gezichten aangewezen. In september 1967 is de kern Heuvel-Slotlaan-Ridderstraat aangewezen als rijksbeschermd stadsgezicht. In april 2006 ook de Heilige Driehoek. In februari 2008 is Den Hout aangewezen als rijksbeschermd dorpsgezicht.

Wat is een beschermd gezicht?

De Erfgoedwet 2016 omschrijft beschermde stads- en dorpsgezichten als volgt: “Groepen van onroerende zaken die van algemeen belang zijn wegens hun schoonheid, hun onderlinge ruimtelijke of structurele samenhang dan wel hun wetenschappelijke of cultuurhistorische waarde en in welke groepen zich één of meer monumenten bevinden.”

Sinds de totstandkoming van de Monumentenwet in de jaren ’60 van de vorige eeuw zijn er al ruim 350 beschermde stads- en dorpsgezichten aangewezen. Het doel daarvan is om de ruimtelijke karakteristieken van bijzondere historische gebieden in dorpen en steden te bewaren. Met een aanwijzing tot beschermd gezicht worden de historisch-ruimtelijke structuur en het historische stads- of dorpsbeeld zo goed mogelijk beschermd. Dit betekent niet dat de bestaande situatie in een beschermd gezicht bevroren wordt en dat nieuwe ontwikkelingen worden tegengehouden. Nieuwe bouwwerken en veranderingen in het gebruik blijven mogelijk als ze passen binnen het historisch gegroeide karakter.

Wat betekent een beschermd stads- of dorpsgezicht voor eigenaren en/of bewoners?

Als eigenaar of bewoner van een pand in een beschermd stads- of dorpsgezicht krijgt u met de regels voor het beschermd gezicht te maken als u iets wilt veranderen in het gebied, bijvoorbeeld aan uw woning. De gemeente is verplicht om voor een gebied dat als beschermd stads- of dorpsgezicht is aangewezen een zogenoemd beschermend bestemmingsplan op te stellen. In een bestemmingsplan is vastgelegd waar bouwwerken mogen staan, hoe groot ze mogen zijn en waarvoor ze gebruikt mogen worden. Ook staat in een bestemmingsplan hoe tuinen, open terreinen en erven gebruikt mogen worden. In een bestemmingsplan voor een stads- of dorpsgezicht staan naast deze gebruikelijke voorschriften ook regels om de waardevolle historische en ruimtelijke karakteristieken van het gebied te beschermen. De gemeente kijkt of bouw- en sloopplannen in een beschermd gezicht passen binnen de regels van het bestemmingsplan. In een bestemmingsplan staan namelijk ook bouwvoorschriften. Die geven bijvoorbeeld aan dat de rooilijnen, bouwhoogte, voorgevelbreedte, gevelindeling en dakhelling van nieuwbouw moet aansluiten op de bestaande bebouwing. Voor sloopplannen, voor het verleggen van paden en wegen en voor het aanleggen van verhardingen is een omgevingsvergunning nodig. Om een vergunning te kunnen krijgen, mogen de cultuurhistorische en beeldbepalende karakteristieken van het beschermde gezicht niet worden aangetast door de werkzaamheden.

Historische kern Heuvel-Slotlaan-Ridderstraat

Slotje Limburg
Slotje Limburg

Het beschermde gezicht rondom de stadskern van Oosterhout omvat de Heuvel  met de omringende straten, het aangrenzende Slotpark en ten zuiden daarvan de Ridderstraat met de daaraan gelegen Slotjes. Dit geheel van plein, openbaar groen, historische straten en bebouwing vormt een uniek stedenbouwkundig monument. De Heuvel was van oudsher het administratieve centrum van Oosterhout, doordat hier sinds 1621 het oude raadhuis (Vrijheidshuis) was gevestigd. De bouw van het Vrijheidshuis leidde er toe dat de welgestelden zich rondom de Heuvel vestigden. Zij bouwden hier hun woonhuizen of verbouwden bestaande panden tot luxe herenhuizen.

Bebouwing

De bebouwing rondom De Heuvel bestaat uit herenhuizen voor de notabelen en fabrikanten. De gevels dateren overwegend uit de 19e en vroeg 20e eeuw, maar de meeste panden bezitten een oudere kern. Het merendeel van de panden aan de Heuvel heeft de status van beschermd monument (gemeentelijk of rijksmonument). Ten zuiden van de Heuvel liggen aan de Ridderstraat de Slotjes, een keten van  buitenhuizen van rijke Bredase bestuurders. Deze slotjes zijn veelal ontstaan uit 14e-eeuwse boerderijen, die in de loop van de 15e eeuw werden omgebouwd tot kasteelachtige huizen met grachten en parken. Tegenwoordig resteren nog vier Slotjes: huis Borsselen, huis Brakestein, huis Limburg en huis Beveren. Van het voormalige Slotje Spijtenburg, dat omstreeks 1821 werd gesloopt, is op de hoek Ridderstraat – Tilburgseweg nog de omringende gracht te zien.

Ruimtelijke kenmerken

De brede, oost-west georiënteerde Heuvel is met kasseien bestraat en heeft een karakteristieke beplanting in de vorm van drie rijen linden. Aangrenzend ten zuiden hiervan ligt het Slotpark. Dit in Engelse landschapsstijl aangelegde park werd in 1920 voor het publiek opengesteld. Het park ontstond uit twee voormalige particuliere tuinen: het westelijke deel behoorde oorspronkelijk bij het huis Heuvel 19, het oostelijke deel was een zogenaamde ‘overtuin’ (tuin aan de andere zijde van een weg) van Slotje Limburg.

Status: aangewezen als rijksbeschermd stadsgezicht sinds 1967

De Heilige Driehoek

De Heilige Driehoek
Het klooster Sint-Catharinadal in de Heilige Driehoek

In het gebied dat bekend is onder de lokale benaming De Heilige Driehoek wordt de kern gevormd door drie dicht bij elkaar gelegen kloosters. Het gebied is bijzonder vanwege architectuurhistorische, historisch-geografische, stedenbouwkundige, archeologische en sociaal-ruimtelijke waarden. De concentratie van drie kloostercomplexen, de priorij Sint-Catharinadal van de zusters Norbertinessen, de Onze-Lieve-Vrouwe-abdij van de zusters Benedictinessen en de Sint-Paulusabdij van de Chemin Neuf gemeenschap,  vormt een stedenbouwkundig geheel dat uniek is voor Nederland. Behalve de kloosterterreinen, maakt ook het gebied dat bekend staat als de Leijsenakkers deel uit van het beschermde stadsgezicht. Dit is een klein gebied ten noorden van de kloosters, waaraan het oorspronkelijke kleinschalige agrarische karakter nog goed is af te lezen.

Bebouwing

De kern van het klooster Sint-Catharinadal wordt gevormd door het 15e eeuwse Slotje De Blauwe Camer, waarachter in de 17e eeuw een kloostercomplex werd gebouwd (rijksmonument). De Onze-Lieve-Vrouwe-abdij is gebouwd rondom de uit 1824 daterende voormalige buitenplaats Vrede-oord. In 1906 werd hierachter een carrévormig klooster in neogotische stijl aangebouwd en in 1911 een kloosterkerk (gemeentelijk monument). Het kloostercomplex van de Sint-Paulusabdij werd in 1907 gebouwd naar ontwerp van de Franse architect Dom Bellot (rijksmonument). De bebouwing op de Leijsenakkers is hoofdzakelijk agrarisch van karakter. Een twintigtal objecten is beschermd als gemeentelijk monument.

Ruimtelijke kenmerken

De ruimtelijke context van de drie kloostergemeenschappen, met inbegrip van de ommuurde tuinen en de omliggende agrarische terreinen met boerderijen en werkplaatsen, is goed bewaard gebleven. De tuinen, ommuringen, watergangen en windsingels zijn van grote betekenis omdat de aanleg ervan een direct verband houdt met de aard van het kloosterleven. De Oosterhoutse kloostergemeenschappen behoren tot de zogenoemde contemplatieve orden, die zich vooral bezighouden met gebed en bezinning. Dit vraagt om beslotenheid en afzondering van de kloosterterreinen, wat in de aanleg van de tuinen tot uiting is gekomen. Hierbij speelden ook religieuze overwegingen een rol. Zo was er bijvoorbeeld voorzien in een bosachtig terrein voor solitaire wandelingen ten behoeve van privé-devotie. De tuin van de Sint-Paulusabdij werd ontworpen door Dom Bellot. De orden voorzagen in hun levensonderhoud door middel van landbouw en ambachtelijke nijverheid. De landerijen met de diverse bedrijfsgebouwen en –opstallen zijn van belang, omdat zij deel uitmaken van de sociaal-economische kant van het kloosterleven, en daarmee een wezenlijk onderdeel van de kloostercultuur.

Het historische wegen- en nederzettingenpatroon en de kleinschalige agrarische structuur op de Leijsenakkers zijn goed bewaard gebleven. Een aantal wegen, zoals de Kloosterdreef, de Monnikendreef en de Leijsenstraat, zijn nog voorzien van historische kasseien. Meer Informatie vindt u op  www.deheiligedriehoek.com.

Status: aangewezen als rijksbeschermd stadsgezicht sinds april 2006

Dorpskern Den Hout

Afbeelding De Houtse Heuvel
De Houtse Heuvel, bron: Paul Asbreuk

Het akkerdorp Den Hout, ten noordwesten van Oosterhout, wordt gedomineerd door een opvallend langgerekte, driehoekige open ruimte: de zogenaamde heuvel of plaatse. Deze hooggelegen heuvel is zeer waarschijnlijk ontstaan als een verzamelplaats voor vee en is een uniek verschijnsel in Nederland. Hij is namelijk nog altijd in het gemeenschappelijke bezit van de circa zestig omwonenden. De nederzetting dateert oorspronkelijk uit de Middeleeuwen en is mogelijk ouder dan Oosterhout. In de loop van de 19e en het begin van de 20e eeuw werd de bebouwing verdicht en uitgebreid, waardoor het agrarische karakter van het dorp in zekere mate verloren ging.

Bebouwing

De bebouwing rondom de heuvel is karakteristiek voor de sociaal-economische en religieuze ontwikkelingen van het gebied. De oostelijke zijde van de heuvel kent een concentratie van gebouwen van religieuze aard. Door de katholieke emancipatie werden in de loop van de 19e eeuw schuurkerken in de dorpen vervangen door volwaardige kerken, waaromheen vervolgens kloosters, scholen, patronaatsgebouwen en dergelijke gesticht. In 1877-78 werd de oorspronkelijke houten schuurkerk van Den Hout vervangen door een neogotische kerk van P.J. van Genk. In het eerste kwart van de 20e eeuw werden hier achtereenvolgens een parochiehuis (1900), een zusterklooster met meisjesschool (1903) en een pastorie (1925) aan toegevoegd. Kerk en bijbehorende gebouwen werkten doorgaans als een magneet op de komst van niet-agrarische functies als winkels en horeca. De bebouwing aan de zuidzijde van de heuvel bestaat, naast woonhuizen, dan ook voornamelijk uit (voormalige) winkels en bedrijven. Aan de westzijde van de heuvel heeft de bebouwing een overwegend agrarisch karakter.

Ruimtelijke kenmerken

De driehoekige heuvel wordt omgeven door een drietal straten (alle drie met de naam Houtse Heuvel), met aan de buitenzijde overwegend dunne en onregelmatige lintbebouwing. Ten oosten van de heuvel ligt de licht gebogen Achterstraat, een oude verkavelingsgrens. Alle wegen en een aanzienlijk deel van de bebouwing van Den Hout zijn op de heuvel georiënteerd. De inrichting van de heuvel zelf dateert nog grotendeels uit het begin van de 19e eeuw en illustreert het gebruik ervan. Er liggen een aantal moestuinen, een boomgaard, een klein weiland, allen omgeven door hagen. Midden op de heuvel bevindt zich een drinkpoel voor vee.

Status: In februari 2008 als rijksbeschermd dorpsgezicht aangewezen.